VHVG informatie 2000

De VHVG is de nieuwe eeuw ingestapt. Sinds 1983 is de VHVG een vereniging geweest die duidelijk aansloot bij het beroepsveld en ook als zodanig steeds nieuwe leden bleef aantrekken. Om haar heen verandert de beroeps- en instellingwereld echter in een snel tempo. Anderzijds wordt de vereniging geconfronteerd met enige vergrijzing van haar leden. Tenslotte zijn er veel leden van het eerste uur nog steeds lid en is de aanwas beperkt gezien de ontwikkelingen in de gezondheidszorg. Tijd voor het bestuur VHVG, de leden komend jaar een nieuw beleidsplan VHVG te presenteren. Een nieuw beleidsplan dat blijft aansluiten bij de huidige leden, inspeelt op de veranderende markt en dat nieuwe mogelijkheden aanbiedt, om op die manier met beide benen in de zorgsector een hoogwaardig woordje te kunnen blijven meespreken. Want daar staat de VHVG voor: kwaliteit. Kwaliteit van de vereniging, kwaliteit van de leden.

De vereniging telde eind december 2000 96 leden, terwijl het jaar begonnen werd met 102 leden. De toestroom van nieuwe leden woog dit jaar helaas niet op tegen het aantal afmeldingen.

In twee gevallen kon de VHVG de kwaliteit van haar leden niet waarborgen en is na rijp beraad met de leden en conform Statuten en huishoudelijk reglement gegrepen naar het middel om tot royement van deze leden over te gaan. Een beslissing die het bestuur VHVG altijd zwaar valt, zeker nu de aanwas van nieuwe leden niet in gelijke tred loopt met de leden die door “natuurlijk verloop” afscheid van de vereniging nemen. Toch is het bestuur van mening dat de kwaliteit van de vereniging steeds aan de hand van het huidige beleidsplan, dat van kracht is tot 2001, getoetst moet blijven worden. Het is haar taak de leden te wijzen op hun verantwoordelijkheden binnen de vereniging.

Het bestuur is in het verenigingsjaar 2000 daarom actief gebleven en bleef gerichte acties ondernemen naar “slapende” leden en leden die een veelvuldig verzuim vertoonden. In veel gevallen werd hun (tijdelijke) afwezigheid met moverende redenen onderbouwd zoals ziekte, fusieperikelen en/of reorganisaties binnen de instelling en/of dienst van betreffende lid. In dit laatste geval gaf dat soms aanleiding om het lidmaatschap van de VHVG te heroverwegen, c.q. op te zeggen.

Ook door interne of externe promoties besloten leden dat zij het lidmaatschap van de vereniging niet meer konden continueren daar zij niet meer binnen de criteria van de VHVG in aanmerking kwamen voor het lidmaatschap of dit niet meer konden combineren met hun werk.

De tendens is dat het aantal potentiële leden en instellingen, die voldoen aan de toelatingscriteria van de VHVG, steeds kleiner wordt. Een reden temeer om het Beleidsplan VHVG en de daarbij behorende toelatingscriteria te toetsen aan de huidige tijd en ontwikkelingen. Naarmate de vereniging langer bestaat (in 2003 al 20 jaar !) zullen steeds meer leden, gezien hun leeftijd, gebruik gaan maken van de OBU of pensionering. Dit blijven voor de VHVG waardevolle leden, die over veel kennis en knowhow beschikken. Zij blijven die graag aan de vereniging ter beschikking stellen. Ook zijn zij veelal bereid in hun welverdiende vrije tijd werkzaamheden voor de vereniging te verrichten. Aan het bestuur de taak om de verhoudingen werkende/niet werkende leden om te zetten in een goede kwalitatieve participatie binnen de vereniging.

Nog steeds doeltreffend is de “mond tot mond” reclame en de sterkere profilering van de VHVG in de pers. Het kwaliteitsniveau van de VHVG, die het bestuur en de leden nastreven en naar buiten uitdragen, is hèt visitekaartje van de VHVG. Tenslotte mag ook gesteld worden dat de VHVG leden een sterke sociale binding met elkaar hebben waar ze terecht trots op zijn.

De leden die op eigen verzoek afscheid van de vereniging namen, gaven daarbij veelal aan dat zij het sociale contact zouden missen, altijd met veel plezier lid van de VHVG waren geweest en dat zij veel waarde hadden gehecht aan de doelstellingen en de werkwijze van de VHVG.

De leden waren als volgt verdeeld over de verschillende categorieën instellingen:

Academische Ziekenhuizen 5
Algemene Ziekenhuizen 34
Verpleeghuizen en/of Reactiveringscentra 7
Geestelijke Gezondheidszorg 8
Instellingen voor mensen met een verstandelijke handicap 7
Gecombineerde Ziekenhuizen-Verpleeghuizen 11
Gecombineerde Verpleeghuizen-Verzorgingstehuizen 10
Overige Intramurale Instellingen 4
Ereleden 1
Leden van Verdienste 1
Buitengewone of niet-werkzame leden 8

 

Aantal VHVG leden per 1-1-2001: 96

Contributie

De contributie bijdrage voor de leden was in het verenigingsjaar 2000 gesteld op fl. 275.==
Voor het verenigingsjaar 2001 werd dit op de algemene ledenbijeenkomst van 25 mei 2000 vastgesteld op fl. 285.==